Uitspraak Rechtbank Noord Holland - Corendon vs. Mr. R. Bos - Aviclaim

Uitspraak

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Insolventie

locatie Haarlem

Zaaknr./rolnr.: 6819683 / CV EXPL 18-2916

Uitspraakdatum: 28 november 2018

Vonnis in de zaak van:

1[passagier sub 1]
te [woonplaats]

2. [passagier sub 2]

te [woonplaats]

3. [passagier sub 3]

te [woonplaats]

4. [passagier sub 4]

te [woonplaats]

5. [passagier sub 5]

te [woonplaats]

6. [passagier sub 6]

te [woonplaats]

eisers

hierna gezamenlijk te noemen de passagiers

gemachtigde: mr. R. Bos

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Corendon Dutch Airlines B.V.

te Lijnden

gedaagde

hierna te noemen Corendon

gemachtigde: mr. M.E. Futselaar (USG Legal Professionals)

1  Het procesverloop

1.1.

De passagiers hebben bij dagvaarding van 21 maart 2017 een vordering tegen Corendon ingesteld. Corendon heeft schriftelijk geantwoord.

1.2.

De passagiers hebben hierop schriftelijk gereageerd, waarna Corendon een schriftelijke reactie heeft gegeven.

2  De feiten

2.1.

De passagiers hebben met Corendon een vervoersovereenkomst gesloten op grond waarvan Corendon de passagiers diende te vervoeren van Amsterdam naar Banjul op 16 oktober 2017, met lokale vertrektijd 14:50 uur (13.50 uur UTC Tijd), hierna: de vlucht.

2.2.

Het vliegveld Yundum Airport in Banjul heeft geen terminal. De trap wordt naar het vliegtuig gereden als deze “on blocks” staat.

2.3.

De vlucht is met een vertraging uitgevoerd en was om 23:09 uur (UTC Tijd) “on block” op de luchthaven van Banjul. De geplande aankomsttijd was 20:10 uur (UTC Tijd). Op de flight log staat niet geregistreerd op welk tijdstip de deuren van het vliegtuig zijn geopend.

2.4.

De passagiers hebben compensatie van Corendon gevorderd in verband met voornoemde vertraging.

2.5.

Corendon heeft geweigerd tot betaling over te gaan.

3  De vordering

3.1.

De passagiers vorderen dat Corendon bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeeld zal worden tot betaling van:
- € 1.800,00, vermeerderd met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 16 oktober 2017 tot aan de dag der algehele voldoening; 
- € 270,00 aan buitengerechtelijke incassokosten, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 16 oktober 2017, althans vanaf de datum van de ingebrekestelling, dan wel vanaf de datum van de dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;
- de proceskosten, waaronder ook de nakosten, te vermeerderen met wettelijke rente.

3.2.

De passagiers hebben aan de vordering ten grondslag gelegd de Verordening (EG) nr. 261/2004 van het Europees Parlement en de Raad van 11 februari 2004 tot vaststelling van gemeenschappelijke regels inzake compensatie en bijstand aan luchtreizigers bij instapweigering en annulering of langdurige vertraging van vluchten en tot intrekking van de verordening (EEG) nr. 295/91 (hierna: de Verordening) en de daarop betrekking hebbende rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie (hierna: het Hof). De passagiers stellen dat Corendon vanwege de vertraging van de vlucht gehouden is hen te compenseren conform artikel 7 van de Verordening tot een bedrag van € 300,00 per passagier.

4  Het verweer

4.1.

Corendon betwist de vordering. Zij voert aan dat de vlucht minder dan drie uur is vertraagd, namelijk twee uur en negenenvijftig minuten. Het tijdstip “on block” is ook het tijdstip waarop de vliegtuigdeuren open zijn gegaan. De trap wordt immers gelijktijdig naar het vliegtuig gereden.

5  De beoordeling

5.1.

Corendon heeft bij haar conclusie van dupliek nog producties in het geding gebracht. Aangezien Corendon deze producties reeds bij conclusie van antwoord in het geding had behoren te brengen, worden deze producties niet bij de beoordeling betrokken. De passagiers hoeven aldus ook niet in de gelegenheid te worden gesteld hierop te reageren, aangezien zij niet in hun belangen zijn geschaad.

5.2.

Gelet op het zogenaamde Sturgeon arrest van 19 november 2009 (ECLI:NL:XX:2009:BK4714) kunnen passagiers van vertraagde vluchten in beginsel aanspraak maken op compensatie indien hun vlucht met een vertraging van drie uur of meer de eindbestemming bereikt. Uit het Germanwings-arrest volgt dat het begrip „aankomsttijd”, dat wordt gebruikt tot bepaling van de omvang van de door de luchtreizigers geleden vertraging, duidt op het tijdstip waarop ten minste een vliegtuigdeur opent, met dien verstande dat de passagiers op dat tijdstip het toestel kunnen verlaten.

5.3.

De passagiers voeren aan het logischerwijs niet anders kan dan dat het tijdstip waarop de deuren van het vliegtuig geopend worden later ligt dan het tijdstip waarop het vliegtuig ‘on blocks’ ging. Nu dit laatste tijdstip 2 uur en 59 minuten na de geplande aankomsttijd lag, staat naar de mening van de passagiers voldoende vast dat de vlucht drie uur of meer is vertraagd.

5.4.

De kantonrechter stelt vast dat het moment waarop het vliegtuig ‘on block’ gaat niet exact hetzelfde kan zijn als het moment waarop de deuren opengaan. Immers, zoals onweersproken door de passagiers aangevoerd, zal eerst moeten worden gecommuniceerd dat het vliegtuig ‘on blocks’ is, waarna de trap of trappen nog naar het vliegtuig kunnen worden gereden welke vervolgens dienen te worden ‘gedocked.’ Dit dient vervolgens te worden gecommuniceerd aan de bemanning waarna pas de opdracht tot het openen van de deuren kan worden gegeven. Het moment waarop daadwerkelijk tot opening van de deuren wordt overgegaan, heeft te gelden als het tijdstip van aankomst als bedoeld in het voornoemde Germanwings-arrest.

5.5.

Corendon heeft evenwel aangevoerd dat de “on block” tijd op onderhavige luchthaven gelijk is aan het tijdstip waarop de deuren zijn geopend en het toestel verlaten kon worden. Gelet op vorenstaande wordt dat standpunt niet gevolgd. Voor zover Corendon met haar verweer heeft bedoeld aan te voeren dat voornoemde handelingen binnen (maximaal) een minuut hebben plaatsgevonden en dus ook het moment waarop de deuren zijn geopend op 2 uur en 59 minuten na de geplande aankomsttijd lag, heeft zij hiervoor onvoldoende aangevoerd. In het licht van de stellingen van de passagiers had van Corendon verwacht mogen worden dat zij had uitgelegd hoe al deze handelingen binnen maximaal een minuut hebben kunnen plaatsvinden. Voorts heeft Corendon nagelaten simpelweg op de flight log te registreren op welk tijdstip de deuren zijn geopend, hetgeen voor rekening en risico van Corendon dient te komen. Gelet hierop komt de kantonrechter tot het oordeel dat vast staat dat de vlucht drie uur of meer vertraagd is geweest en dat de passagiers in beginsel recht hebben op compensatie als gevorderd.

5.6.

Nu Corendon voor het overige geen verweer heeft gevoerd, zal de vordering tot betaling van de hoofdsom, gelet op de duur van de vertraging van de vlucht worden toegewezen. De gevorderde wettelijke rente over de hoofdsom wordt eveneens toegewezen. Het verweer van Corendon terzake wordt aldus verworpen. Er is immers sprake van een vordering tot vergoeding van forfaitair berekende schade, welke schade gelet op artikel 6:83 sub b BW terstond opeisbaar is. Het verzuim treedt dus in zonder ingebrekestelling op het moment dat de schade geacht wordt te zijn geleden. De kantonrechter zal de wettelijke rente toewijzen vanaf 16 oktober 2017.

5.7.

De passagiers hebben een bedrag aan buitengerechtelijke incassokosten gevorderd. Corendon heeft deze vordering (gemotiveerd) betwist. De vordering heeft geen betrekking op één van de situaties waarin het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit) van toepassing is. Daarom zal de kantonrechter de vraag of buitengerechtelijke incassokosten verschuldigd zijn toetsen aan de eisen zoals deze zijn geformuleerd in het rapport Voorwerk II. Voldoende aannemelijk is gemaakt dat de passagiers buitengerechtelijke werkzaamheden hebben laten verrichten en dat hiervoor kosten zijn gemaakt. De omvang van de buitengerechtelijke incassokosten moet worden getoetst aan de tarieven zoals vervat in het Besluit in plaats van aan de tarieven van het rapport Voorwerk II; de tarieven neergelegd in het Besluit worden geacht redelijk te zijn. 
Omdat het gevorderde bedrag niet hoger is dan het volgens het Besluit berekende tarief, zullen de gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden toegewezen. De gevorderde wettelijke rente over de buitengerechtelijke incassokosten wordt afgewezen, aangezien gesteld noch gebleken is dat de passagiers de incassokosten aan hun gemachtigde hebben voldaan en voorts niet is gesteld vanaf wanneer Corendon met betaling in verzuim is, het enkel noemen van data in het petitum is onvoldoende.

5.8.

De proceskosten komen voor rekening van Corendon, omdat deze ongelijk krijgt. De gevorderde rente hierover is eveneens toewijsbaar. Ook de nakosten kunnen worden toegewezen, voor zover deze kosten daadwerkelijk door de passagiers worden gemaakt.

6  De beslissing

De kantonrechter:

6.1.

veroordeelt Corendon tot betaling aan de passagiers van € 2.070,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 1.800,00 vanaf 16 oktober 2017, tot aan de dag van voldoening;

6.2.

veroordeelt Corendon tot betaling van de proceskosten die aan de kant van de passagiers tot en met vandaag worden begroot op de bedragen zoals deze hieronder zijn gespecificeerd:

dagvaarding € 103,68
griffierecht € 226,00
salaris gemachtigde € 300,00 veroordeelt Corendon tot betaling van € 75,00 aan nasalaris, voor zover daadwerkelijk nakosten door de passagiers worden gemaakt; vermeerderd met de wettelijke rente over al deze bedragen vanaf de datum gelegen 14 dagen na betekening van dit vonnis;

6.3.

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

6.4.

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J. Candido, kantonrechter en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van bovengenoemde datum in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Controleer uw vlucht!

Is uw vlucht meer dan drie uur vertraagd, geannuleerd of overboekt, vul dan uw vluchtgegevens in en controleer direct of u recht heeft op een compensatie!

In een paar minuten geregeld Geen administratiekosten Geen succes, geen kosten